In het afgelopen jaar is er op Pluspunt Zuid een nieuwe werkplaats ontstaan, waar ondertussen wekelijks reparaties worden uitgevoerd voor buurtbewoners. Verderop leest u hoe dit proces is verlopen vanuit het perspectief van de vaste fietsenmaker.
Van betrokken prutser naar bandenplakker.
Nu meer dan een jaar geleden kwam ik op de Munt voor een zelfhulpgroep en was tegelijkertijd ook bezig met het regelen van dagbesteding bij Reakt op de Esch. Deze had mijn voorkeur, omdat daar, naast de gebruikelijke activiteiten, ook een fietsenmaker aanwezig is, waar ze mensen nodig hadden. Op de Munt hield ik me voornamelijk bezig met praten en allerlei klusjes; gereedschap schoonmaken, kleine reparaties en ook het repareren van de gemeenschappelijke fiets. Door een gelukkig toeval, mooi woord voor de kosmos bleek dat op Rotterdamse Munt ook een fietsenmaker gestart zou worden, in en op dat moment nog een geheel vervallen oude bouwkeet. Alhoewel het idee me aanstond, de munt is een prachtige plek en lekker dicht bij thuis, twijfelde ik toch of ik me voor langere termijn wou committeren aan zo’n project. Maar aangezien ik echt een dagbesteding nodig had, heb ik er uiteindelijk voor gekozen mijn WMO over te laten zetten naar de Munt/Pluspunt Zuid. Uiteindelijk ben ik er langzaam in gegroeid. Het denken over en helpen bouwen van de werkplaats vind ik erg leuk en omdat deze ook een maatschappelijke functie krijgt spreekt het me des te meer aan. De pipowagen, zoals de werkplaats ondertussen genoemd wordt, maakt gestaag voortgang. De ruimte eromheen is door de tuiniers ontworpen en wordt langzaamaan ingericht. Ik heb buiten een fietslift geplaatst om fietsen makkelijker te kunnen repareren en er is voldoende gereedschap om dat ook te doen. De hulp vanuit Pluspunt was soms wat overweldigend, vooral het gereedschap, waaronder een professionele fietsreparatieset, een lasapparaat en een wielrichter.
Op een gegeven moment heeft de pipowagen elektriciteit gekregen en ben ik bezig om extra binnen en buiten stopcontacten aan te sluiten. Op dit moment vind ik het helpen repareren van fietsen van mensen van de tuin één van de leukste activiteiten. Het is een eenvoudige mogelijkheid om een praatje te maken, iets te leren wat erg bruikbaar is en tevens handig als de fietsenwerkplaats ‘echte’ klanten krijgt. Hoe meer mensen in staat zijn ‘eenvoudige’ reparaties uit te voeren, des te beter wat mij betreft. Er moet echter nog een hoop gebeuren om de fietsenwerkplaats af te maken. De wagen afbouwen, pipopleintje bestraten, opslagruimte en stallingsruimte voor fietsen, werkplek in de weagen etc etc. Genoeg te doen dus. Ik heb er wel goede hoop op dat dit project uiteindelijk tot een mooi resultaat zal leiden. In veel opzichten hoort het bij en is het deel van de tuin. De richting waarin het zal groeien is net als bij planten te sturen, maar niet echt te bepalen. Ik denk af en toe terug aan de IT projecten die ik heb gedraaid, die staan, met hun strakke planning en vele regels, in schril contrast met deze min of meer organisch groeiend pipo gebeuren.
Ondertussen ben ik behoorlijk verknocht aan de plek die de werkplaats neemt. Centraal in de tuin tegenover de middenpoort zit ik graag te genieten van de mooie interessante plek die het al is en aan het droomdenken over wat er nog meer kan worden. Dat de mensen op de tuin ook enthousiast reageren maakt me daarom extra blij, mijn dank aan allen die dit voor mij een bijzondere plek maken.
